7. Druk wereldtoneel vormt uitdaging voor examenmakers aardrijkskunde
Door de snel opvolgende gebeurtenissen in de wereld, moeten examenmakers soms snel schakelen. Hoe spelen zij in op geopolitieke ontwikkelingen en wat merken leerlingen daarvan in de centrale examens? Ingrid Heinen, teamleider en toetsdeskundige aardrijkskunde havo/vwo vertelt erover.


Reis om de wereld
‘In de centrale examens aardrijkskunde voor havo en vwo maken we elk jaar als het ware een kleine reis om de wereld. We proberen leerlingen opgaven voor te leggen die aansluiten bij hun belevingswereld en de actualiteit. Met de opgave over de globalisering van Nutella in het havo-examen dit jaar zat dat wel goed denk ik’, lacht ze. ‘Tegelijkertijd streven we ernaar dat opgaven leerlingen niet onnodig afleiden. In de huidige wereld waarin gebeurtenissen elkaar in hoog tempo opvolgen, is dat soms best een uitdaging.’
Twee jaar ontwikkelen
Het kost gemiddeld twee jaar om een centraal aardrijkskunde examen te ontwikkelen. Ingrid en haar collega Bart werken in dit proces samen met acht constructiegroepleden. Dat zijn bovenbouwdocenten die de opgaven bedenken. ‘Het begint altijd met een pitchronde waarin de docenten casussen voorleggen met verschillende vraagrichtingen. Daarna volgen nog diverse schaafrondes om te komen tot geschikte opgaven. Na vaststelling door het College voor Toetsen en Examens (CvTE) worden die opgenomen in onze opgavenbank. Samen met mijn collega Bart bepalen we welke opgaven in het examen terechtkomen. Opgaven die niet zijn geselecteerd, blijven in de opgavenbank; het is prettig dat we daaruit kunnen putten mocht dat nodig zijn’, zegt Ingrid.
Snelle besluitvorming
Het streven is om het examen ongeveer acht maanden voordat het bij de leerlingen ligt, definitief af te hebben. Soms blijkt echter kort voor de afname een vraag toch niet houdbaar. ‘In 2022 hadden we bijvoorbeeld een opgave over Rusland in het centraal examen opgenomen, maar in februari dat jaar viel Rusland Oekraïne binnen.’
‘Nu hebben we tot aan de drukproef weliswaar weinig, maar wel enige ruimte om te schakelen, in dit geval waren de examens al gedrukt. We hebben toen direct de koppen bij elkaar gestoken en samen met het CvTE besloten om de hele opgave te vervangen. Schrappen was immers geen optie, omdat het examen dan niet meer in balans zou zijn. Vervolgens hebben we een erratum uitgegeven met de nieuwe opgave. Dat moet dan allemaal onder stoom en kokend water gebeuren, en dat is dan best spannend.’
Gevoeligste domein
Ingrid: ‘Het domein ’globalisering’ – waarin volgens de syllabus onder andere geopolitiek, migratievraagstukken en economische globalisering aan de orde moeten komen – is het gevoeligst voor actuele ontwikkelingen.’
Het examen combineert ongeveer acht verschillende casussen die de geografische kennis toetsen in een mix van aansprekende en actuele onderwerpen. ‘Fysisch-geografische onderwerpen zijn vaak minder gevoelig voor actualiteit, maar ook een vulkaanuitbarsting, overstroming of aardbeving kan de inzetbaarheid van een opgave beïnvloeden.’
“”Het domein ‘globalisering’ – waarin volgens de syllabus onder andere geopolitiek, migratievraagstukken en economische globalisering aan de orde moeten komen – is het gevoeligst voor actuele ontwikkelingen.”
Neutrale insteek
‘In de casussen blijven we weg van politieke kleuren; we stellen de vragen zo neutraal mogelijk. Zo was in het vwo-examen van dit jaar een opgave opgenomen over migratie vanuit Venezuela’, zegt ze. ‘Toen er in januari ontwikkelingen waren rondom president Maduro, hebben we opnieuw de opgave onder het vergrootglas gelegd. Door de juiste vraagstelling – namelijk dat vanaf 2017 de vluchtelingenstroom van miljoenen Venezolanen naar het buitenland op gang kwam – en door de vervolgsituatie buiten beschouwing te laten, kon de opgave blijven staan.’
Het valt ook wel eens anders uit. Zoals een opgave over platentektoniek (beweging van aardplaten) in Oost-Turkije. ‘Die hebben we niet opgenomen uit de opgavenbank toen het gebied in 2023 werd getroffen door een zware aardbeving. De kans dat leerlingen familie of bekenden hebben in het getroffen gebied, was te groot. We mijden zoveel mogelijk onderwerpen die confronterend kunnen zijn’, deelt Ingrid.
Ruimere context
Er wordt ook niet ingezoomd op één specifieke gebeurtenis. ‘We nemen altijd een actuele situatie als uitgangspunt die we vervolgens breder trekken naar een ruimere context.’
‘Een voorbeeld dit jaar is de opgave over het leefgebied van de Sami-gemeenschap in het noorden van Scandinavië. De aanleiding voor deze opgave was de verplaatsing van de Zweedse stad Kiruna: door de groeiende wereldwijde vraag naar zeldzame aardmetalen moet deze stad wijken voor het vergroten van de mijnen. We gaan dan niet in op die specifieke verplaatsing, maar op de belangen van diverse partijen in het leefgebied van de Sami op economisch, politiek en cultureel vlak. Een ander voorbeeld is de opgave over de Passport Power Index, een ranglijst van de wereldwijd sterkste paspoorten. De inspiratie voor deze opgave kwam voort uit de uitgifte van ‘gouden paspoorten’ door EU-lidstaat Malta, waar overigens later door het Europese Hof een einde aan werd gemaakt.’
Inclusief taalgebruik
Woordkeuze en taalgebruik in opgaven zijn belangrijke aandachtspunten voor examenmakers. ‘Leerlingen moeten zich niet direct aangesproken voelen. Daarom streven we naar zo inclusief mogelijk taalgebruik. Als een opgave over wijken in een stad gaat bijvoorbeeld, geven we geen waardeoordeel over die wijken. En bij onderwerpen die raken aan kolonialisme letten we extra scherp op terminologie en nuance.’
Glazen bol
Ingrid sluit af: ‘Het toewerken naar de centrale examens, samen met al die bevlogen docenten en collega’s, is elk jaar weer een bijzonder proces.’ Lachend: ‘Het lijkt soms wel of de docenten in de constructiegroep over een glazen bol beschikken: elke keer weten ze weer inspirerende en originele contexten te vinden, en bij negen van de tien keer blijken ze ook werkelijk relevant te zijn! De kunst om deze contexten dan te vertalen naar casussen en opgaven voor de examens, is wat ons vak zo leuk maakt.’
“Het lijkt soms wel of de docenten in de constructiegroep over een glazen bol beschikken: elke keer weten ze weer inspirerende en originele contexten te vinden, en bij negen van de tien keer blijken ze ook werkelijk relevant te zijn.”
‘De wereld is enorm in beweging. Ik ben er dan ook trots op dat we snel kunnen schakelen als de actualiteit erom vraagt, want de leerlingen mogen daar niet de dupe van worden. Dat maakt dit werk voor mij zo boeiend.’